Planmatig onderhoud houdt in:

• Het inventariseren van de onderhoudsgevoelige elementen.

• Het zichtbaar maken van de te verwachten uitgaven betreffende het onderhoud.

• Het voorkomen van gevolgschade door achterstallig onderhoud en dergelijke.

• Het terugdringen van klachtenonderhoud.

• Het in kaart brengen van de onderhoudswerken.

• Het effectief gebruik maken van de onderhoudsbudgetten.

 

Voor elk gebouw worden, bij aanvang van de werkzaamheden, eenmalig alle bouwdeelelementen en onderdelen daarvan geïnventariseerd en gekwantificeerd. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen gebouwsoorten en/of projectsoorten. Tevens worden gebouwsoorten onderscheiden in gebruiksoort en eigendom of huur. Bij tussentijdse wijzigingen aan een gebouw stellen wij de inventarisatie bij. Alle onderdelen en hoeveelheden worden in een geautomatiseerd systeem ingevoerd en vervolgens wordt het inventarisatierapport uitgeprint. Deze bestanden worden bij de inspecties, bij de op te maken begroting- en meerjarenoverzichten, opnieuw toegepast. In een inventarisatierapport worden de onderdelen en de hoeveelheden vastgelegd.

 

Elk gebouw wordt periodiek geïnspecteerd om de kwaliteit van de onderhoudsbehoevende bouwdelen vast te stellen. Het verloop van het verouderingsproces van alle bouwdelen wordt nauwgezet nagegaan. De aanvang van de onderhoudscyclus voor elk onderdeel wordt bepaald en de te nemen onderhoudsmaatregelen worden voor elk onderdeel afzonderlijk vastgelegd. Met gebruikmaking van de ingevoerde inventarisatie-, hoeveelheden- en maatregelen met besteksomschrijvingen, wordt van elk onderdeel een begrotingsregel gemaakt.

 

Het begrotingsrapport wordt opgesteld, waarbij de gebruiker een indruk kan krijgen van de kosten per onderdeel en totaal per ruimte en/of per gebouw. Indien gewenst kan dit rapport per vakdiscipline, onderhoudsoort, en/of boekingssoort, enz. worden weergegeven. Verder kan gelijktijdig of achteraf een uitvoeringsplandatum worden meegegeven.